• Home
  • Gezondheidszorg per verblijfsstatuut
  • Studenten
  • Studenten

    Medimmigrant vzw - Studenten

    EU student (+Zwitserland, Ijsland, Liechtenstein, Noorwegen)
    Studenten afkomstig van buiten de EU

     

    EU student (+Zwitserland, Ijsland, Liechtenstein, Noorwegen)

    De student afkomstig uit een land dat lid is van de EU mag in België hogere studies (of hoger secundair) volgen in een door de overheid georganiseerde, erkende of gesubsidieerde overheidsinstelling. Zijn studies moeten zijn hoofdbezigheid zijn.
    Rechthebbend op toegang tot het Belgisch grondgebied als EU-burger op eenvoudig vertoon van zijn identiteitskaart of nationaal paspoort, kan de student zijn verblijfsaanvraag direct in België doen, bij de gemeentelijke dienst waar hij zijn officiële adres zal kiezen.

    • Hij moet over een ziekteverzekering beschikken (Europese verzekeringskaart of privé-verzekering) die de risico’s in België dekt. Hij kan hiervoor terecht bij www.europ-assistance.be of bij elke andere maatschappij die verzekeringen van dat type aanbiedt.
    • Hij moet bewijzen over voldoende inkomsten te beschikken om geen last te zijn voor het systeem van sociale zekerheid in België. Maar het bewijs van deze middelen kan gebeuren door eenvoudige verklaring van de student bij de gemeente of door elk ander gelijkaardig middel (bv. een studiebeurs, een verklaring van de ouders, …).
    • In principe moet de student ook voldoen aan voorwaarden van gezondheid en veiligheid maar deze worden zelden gecontroleerd voor burgers van de EU : in tegenstelling tot wat het geval is voor studenten van derde landen moeten zij geen attesten (medisch attest, uittreksel uit het strafregister) voorleggen.

    Hebben EU-studenten recht op maatschappelijke dienstverlening?

    Volgens een recente wetswijziging (nieuw artikel 57 quinquies dat de organieke OCMW-wet wijzigt) hebben EU-burgers en hun familieleden geen recht op maatschappelijke dienstverlening en medische steun gedurende de eerste drie maanden van de geldigheid van hun bijlage 19 en 19 ter (inschrijving in het wachtregister voor EU-burgers).   Vanaf deze periode is maatschappelijke dienstverlening wel mogelijk volgens het eerste artikel van de organieke OCMW-wet dat zegt dat ieder het recht moet hebben op sociale steun om deze persoon in staat te stellen een leven te leiden conform de menselijke waardigheid.

    ! De student moet erover waken dat de hulp geen intrekking van zijn verblijfsrecht met zich meebrengt omdat de voorwaarden aan zijn verblijfsrecht niet meer nagevolgd worden (beschikken over voldoende inkomen). Op dit punt specifieert de Verblijfswet (Art. 61$2) dat een student zijn verblijfsrecht kan verliezen “wanneer hij zelf of een lid van zijn gezin […] financiële steun genoten heeft […] waarvan het totaal bedrag, berekend over een periode van twaalf maanden die voorafgaan aan de maand waarin het bevel om het grondgebied te verlaten genomen wordt, meer dan het drievoudige bedraagt van het maandelijks bedrag van het bestaansminimum […], en voor zover die hulp niet werd terugbetaald binnen zes maanden na de uitkering van de laatste maandelijkse hulp.” 
     

    Studenten afkomstig van buiten de EU

    Wie afkomstig is van een land buiten de EU en aan de voorwaarden voldoet, heeft recht op verblijf in België om hogere studies te volgen (zie art. 58 van de Verblijfswet). Dit recht zal beperkt zijn tot de duur van de studies. In principe dient de student zijn aanvraag tot machtiging tot verblijf in bij de diplomatieke of consulaire post in het buitenland. Deze aanvraag kan ook in België gebeuren bij de gemeentelijke administratie van de verblijfplaats, op voorwaarde dat de persoon al in het bezit is van een verblijfstitel (bv. een toeristenvisum of een ander verblijfsdocument) of kan aantonen dat er buitengewone omstandigheden zijn die een terugkeer naar het land van herkomst verhinderen (aanvraag 9bis). Deze omstandigheden kunnen van medische aard zijn. 

    Om een verblijfstitel te bekomen (A-kaart), moet de student de volgende documenten en attesten voorleggen :   

    • Een attest van inschrijving of voor-inschrijving in een onderwijsinstelling van hogere graad georganiseerd, erkend of gesubsidieerd door de overheid als student die voltijds onderwijs volgt (of er een voorbereidend jaar op hogere studies volgen). Op basis van dit attest, kunnen de studenten zich inschrijven bij de verzekeringsinstelling van hun keuze als student en genietend van de Belgische gezondheidszorg.
    • Het bewijs dat de student over voldoende financiële middelen beschikt. Dit bedrag bedraagt voor het jaar 2011-2012, 588 euro/maand. Die voldoende middelen kunnen geattesteerd worden door:
      • Een attest van studiebeurs of lening
      • Een tenlasteneming van een persoon (garant)
      • Een lucratieve activiteit
    • Een medisch certificaat dat bewijst dat de student niet lijdt aan een ziekte die de volksgezondheid in gevaar kan brengen (de ziektes die bedoeld worden, zijn opgesomd als bijlage van de Verblijfswet.
    • Een bewijs van goed gedrag en zeden (als de persoon meer dan 21 jaar is).

     
    Heeft de student afkomstig van een land buiten de EU recht op maatschappelijke dienstverlening (medische steun) ?

    De student of zijn garant moeten over voldoende middelen beschikken om de kosten van gezondheid, verblijfskosten en verwijderingskosten ten laste te nemen. De student moet dus eerst zijn eigen middelen en deze van zijn garant aanspreken (als er een tenlasteneming is getekend) om beroep te kunnen doen op het OCMW. Het OCMW kan enkel tussenkomen als de situatie een aantasting van de menselijke waardigheid kan veroorzaken van de student en/of zijn garant. Dat kan het OCMW want in principe heeft elkeen recht op maatschappelijk dienstverlening om hem persoon in staat te stellen een leven te leiden conform de menselijke waardigheid (art. 1 OCMW-wet maar beperking voor mensen zonder wettig verblijf en EU-burgers gedurende de eerste drie maanden van de geldigheid van hun bijlage 19 (inschrijving in het wachtregister voor EU-burgers) of 19ter (aanvraag van verblijf voor een familielid van een EU-burger)).

    ! De student moet erover waken dat de hulp geen intrekking van zijn verblijfsrecht met zich meebrengt omdat de voorwaarden aan zijn verblijfsrecht niet meer nagevolgd worden namelijk beschikken over voldoende inkomsten. Op dit punt specifieert de Verblijfswet (Art. 61$2) dat een student zijn verblijfsrecht kan verliezen “wanneer hij zelf of een lid van zijn gezin […] financiële steun genoten heeft […]waarvan het totaal bedrag, berekend over een periode van twaalf maanden die voorafgaan aan de maand waarin het bevel om het grondgebied te verlaten genomen wordt, meer dan het drievoudige bedraagt van het maandelijks bedrag van het bestaansminimum […], en voor zover die hulp niet werd terugbetaald binnen zes maanden na de uitkering van de laatste maandelijkse hulp.”

    Wat de medische kosten betreft, heeft elke ingeschreven student recht op een ziekteverzekering in België (art. 32 van de Wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen). Het bedrag van de tussenkomst van het OCMW zal dus beperkt zijn tot het remgeld.

    Voor meer info over het bekomen van een verblijfstitel: www.vreemdelingenrecht.be of www.adde.be (FR).