Machtiging tot verblijf om medische redenen (art.9ter)

De machtiging tot verblijf om medische redenen van vreemdelingen die al op het Belgisch grondgebied verblijven, gebeurt volgens artikel 9ter van de wet van 15 december 1980.


Mensen die omwille van medische redenen niet kunnen terugkeren naar hun geboorteland kunnen een machtiging tot verblijf indienen op basis van hun medische situatie. We spreken in dit geval van een aanvraag volgens artikel 9ter van de Verblijfswet van 15 december 1980.


Wie kan dergelijke aanvraag indienen

Volgens de wet komt een persoon in aanmerking voor een regularisatie volgens art. 9ter als hij lijdt aan ‘een ziekte die een reëel risico inhoudt voor zijn leven of fysieke integriteit of een reëel risico inhoudt op een onmenselijke of vernederende behandeling wanneer er geen adequate behandeling is in zijn land van herkomst of verblijf’.

Een persoon die zich in deze situatie bevindt, kan een machtiging tot verblijf om medische redenen aanvragen bij de Dienst vreemdelingenzaken of hij nu wettig in België verblijft of niet.

Hoe een aanvraag indienen

De aanvraag kan zowel gebeuren vanuit wettig als vanuit onwettig verblijf. De aanvraag moet niet ingediend worden door een advocaat, maar het is wel aangeraden.

Als de persoon voordien een asielprocedure doorliep, moet de aanvraag gebeuren in dezelfde taal als die van deze asielprocedure. Deze verplichting geldt tot de eerste 6 maanden na het afwijzen van de asielaanvraag. Nadien mag men vrij kiezen tussen het Nederlands, Frans of Duits. De bijkomende informatie over de ziekte mag in het Engels zijn.

In het K.B. van 17 mei 2007 staat dat de aanvraag per aangetekende brief moet verstuurd worden naar de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ), zoniet zal de aanvraag onontvankelijkheid zijn.

Volgende documenten en informatie moeten toegevoegd worden :

  • Het adres van de effectieve woonplaats van de betrokken persoon en de namen van de leden van zijn familie (= adres waar de persoon verblijft) + het adres van de gekozen woonplaats (= adres waarnaar alle berichtgeving zal verstuurd worden). De aanvrager kan zijn gekozen woonplaats kiezen ; dit kan bijvoorbeeld het adres van zijn effectieve woonplaats zijn of het adres van zijn advocaat.
    Opgelet : bij gebrek hieraan, zal het adres van de gekozen woonplaats het adres van de Dienst Vreemdelingenzaken zijn en zal alle berichtgeving naar dit adres verstuurd worden.
  • Een kopie van een identiteitsdocument of bewijselementen die de identiteit van de persoon aantonen. Deze documenten moeten beantwoorden aan de voorwaarden die gedefinieerd zijn in de Wet van 29 december 2010 houdende diverse bepalingen.
  • Standaard medisch getuigschrift (zie het Koninklijk Besluit van 24 januari 2011). Het gebruik van dit medisch attest is verplicht vanaf 29 januari 2011. Het moet ingevuld worden door een arts en kan eventueel aangevuld worden met andere attesten. Dit attest mag niet ouder zijn dan drie maanden op het moment van de indiening van de aanvraag.
  • Nuttige informatie over de beschikbaarheid en toegang tot medische zorg in het land van herkomst en eventueel aanvullende bewijsstukken over de ziekte.

Start van de procedure

Wanneer DVZ de aanvraag goed ontvangen heeft, contacteren zij de gemeente van de verblijfplaats van de aanvrager en geven ze de opdracht een woonstcontrole uit te voeren. Indien de woonstcontrole positief is, zal de aanvraag verder behandeld worden.

Procedure


Ontvankelijkheidsfase

Vervolgens zal een ambtenaar van de DVZ beslissen over de ontvankelijkheid van de aanvraag. Hij zal onder meer nagaan of het dossier volledig is en voldoet aan de hierboven beschreven richtlijnen. Hij kan in deze fase een medisch advies vragen aan een arts van DVZ die kan controleren of de ziekte die ingeroepen werd, voldoet aan de criteria van art. 9ter (ernst van de ziekte - zie wet van 8 januari 2012).

De aanvraag kan onontvankelijk verklaard worden wanneer :

  • de arts van DVZ oordeelt dat de ziekte ’kennelijk’ niet beantwoordt aan de criteria van art. 9ter (ernst van de ziekte),
  • als er informatie ontbreekt
  • wanneer er elementen werden aangehaald die reeds in een vorige regularisatieprocedure (art. 9, lid 3 oude VW of art. 9bis of 9ter huidige VW)
    of in een andere asielprocedure (vluchtelingenconventie of subsidiaire bescherming) werden ingeroepen of hadden moeten ingeroepen worden. Medische elementen die werden ingeroepen tijdens de asielprocedure maar die geen grond vormen voor de erkenning als vluchteling of de toekenning van de subsidiaire bescherming, komen wel nog in aanmerking voor art. 9ter. Het komt er dus op aan om de juiste procedure met de juiste elementen op te starten. De DVZ wil het willekeurig opstarten van procedures hiermee ontmoedigen (door een BGV af te leveren) en enkel nieuwe gegevens in overweging te nemen.

Wanneer de beslissing positief is, ontvangen de betrokkene en zijn gezinsleden (op voorwaarde dat ze mee vermeld worden in de aanvraag) een Attest van Immatriculatie, model A (= oranje kaart). Dit Attest van Immatriculatie kan drie maal verlengd worden voor drie maanden. Daarna is de verlenging telkens voor een maand geldig tot er een uitspraak ten gronde is. Er is geen termijn bepaald waarbinnen de DVZ een beslissing moet nemen.


Gegrondheidsfase

Tijdens het onderzoek ten gronde moet de dossierbehandelaar aan de ambtenaar-geneesheer van DVZ een advies vragen gebaseerd op de medische toestand van de persoon en de medische omkadering in zijn herkomstland. Het is dus ook een DVZ-arts die beoordeelt of de vereiste behandeling toegankelijk is in het herkomstland.

De DVZ kan ook beroep doen op een geneesheer die de minister hiertoe aanduidt. Deze geneesheer of de ambtenaar-geneesheer verbonden aan de DVZ kan de betrokkene onderzoeken en/of op zijn beurt een advies inwinnen bij een deskundige (= specialist). Ook de deskundige kan de persoon uitnodigen voor een onderzoek. Wanneer men zonder geldige reden geen gevolg geeft aan de uitnodiging van de ambtenaar-geneesheer of deskundige kan de aanvraag zonder voorwerp verklaard worden.

Ook kan de vraag zonder voorwerp verklaard worden wanneer het een vreemdeling betreft die een verblijf van onbepaalde duur via een andere procedure kreeg en geen vervolg van zijn aanvraag 9ter vraagt in de 60 dagen die volgen op zijn verblijfsrecht (art. 9ter §7).

Het is aan te raden dat de geneesheer die de betrokkene behandelt, zijn attest overhandigt aan de betrokkene die het dan toevoegt aan het dossier.

Wanneer de machtiging tot verblijf wordt toegestaan, ontvangt men een Bewijs van Inschrijving in het Vreemdelingenregister (= BIVR, witte kaart, of electronische A-kaart). Dit verblijfsdocument is geldig voor minstens 1 jaar. Wanneer het verblijfsrecht dreigt te verlopen en de persoon voldoet nog aan de voorwaarden, moet er een vernieuwing van dit BIVR aangevraagd worden via de gemeente. Dit moet gebeuren tussen de 45ste en de 30ste dag voor het verstrijken van de geldigheid van de kaart.
Wanneer de persoon 5 jaar onder het medisch statuut valt, ontvangt hij een BIVR van onbepaalde duur. Hieraan zijn geen medische voorwaarden verbonden, wel moet een vernieuwing van deze kaart aangevraagd worden tussen de 45ste en 30 ste dag voorafgaand aan het verstrijken van de geldigheid van de kaart.

Wanneer de medische gronden niet meer van toepassing zijn, kan DVZ het BIVR intrekken en een bevel om het grondgebied te verlaten (bijlage 13) afleveren. Dit gebeurt enkel als de gezondheidssituatie ingrijpend en duurzaam is verbeterd. Een tijdelijke of beperkte verbetering volstaat niet om het verblijfsrecht te ontnemen.

De machtiging tot verblijf van beperkte duur, wordt onbeperkte duur vanaf er vijf jaar verstreken zijn vanaf de aanvraag tot machtiging tot verblijf.

Beroepsmogelijkheden

Tegen een negatieve beslissing kan de persoon binnen de 30 dagen een beroep aantekenen bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV). Daar dit beroep niet automatisch schorsend is, blijft de beslissing van de DVZ geldig. Er kan aan de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen wel een schorsing gevraagd worden.

Eenmaal de RVV beslist heeft, kan de persoon een (cassatie)beroep indienen tegen deze beslissing bij de Raad van State. Enkel indien het om een schending van een subjectief recht gaat, is de Raad van State als kortgedingrechter bevoegd.

Welke rechten zijn verbonden met deze procedure


Medische overmacht

Als de persoon niet verblijft in een opvangcentrum op het moment van zijn aanvraag kan hij ingeval van medische overmacht een aanvraag sociale steun indienen bij het OCMW op voorwaarde dat hij een medisch certificaat kan voorleggen dat aantoont dat hij niet in de mogelijkheid is om gevolg te geven aan een bevel om het grondgebied te verlaten. Deze hulp wordt gewoonlijk geweigerd maar kan in bepaalde ernstige situatie toch bekomen worden via de arbeidsrechtbank (arrest n° 80/99 van het Arbitragehof). Deze procedure duurt gemiddeld 6 tot 8 maanden.


Ontvankelijkheid

(-> Attest van immatriculatie) : maatschappelijke dienstverlening en einde van de materiële opvang voor de verzoekers van de intenationale bescherming
Als de aanvraag volgens art. 9ter ontvankelijk is dan zal de DVZ aan de gemeente de opdracht geven een Attest van Immatriculatie (AI) af te leveren. Deze oranje kaart geeft geen recht op de ziekteverzekering (behalve in bepaalde situaties als persoon te laste) en ook niet op werk. Als de persoon behoeftig is, heeft ze daarentegen wel recht op een financiële steun van het OCMW en op tussenkomst van het OCMW voor de medische kosten.

De verzoekers internationale bescherming die in een opvangstructuur verblijven en waarvan de 9ter aanvraag ontvankelijk verklaard werd, kunnen in deze structuur blijven zolang hun asielaanvraag in behandeling is en ze geen bevel om het grondgebied te verlaten gekregen hebben. Ze kunnen ook de opvangstructuur verlaten en als ze behoeftig zijn en financiële steun vragen aan het OCMW maar daarvoor moeten ze een gemotiveerde aanvraag indienen om de code 207 op te heffen. (meer informatie in de nieuwsbrief Vreemdelingenrecht en IPR van Kruispunt MI, juli 2013)


Positieve beslissing ten gronde

(-> Electronische A kaart) : maatschappelijke dienstverlening en recht op ziekteverzekering
Als de aanvraag volgens art. 9ter gegrond is dan zal de DVZ opdracht geven aan de gemeente om een electronische A kaart af te leveren. Deze kaart is geldig voor 1 jaar of soms voor 2 jaar. Deze kaart geeft recht op een ziekteverzekering en maatschappelijke dienstverlening van het OCMW ingeval van behoeftigheid.De verlenging moet aangevraagd worden tussen de 45ste en de 30ste dag vóór het vervallen van de huidige A kaart.

27 février 2019


Documents & formulaires
Textes législatifs
Verblijfswet 15.12.1980
Wet betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen

Witboek over de machtiging tot verblijf om medische redenen (9ter)

Voor een toepassing van de wet met respect voor de
mensenrechten van ernstig zieke vreemdelingen.

Uitgebracht door verschillende organisaties in het werkveld (artsen, advocaten, maatschappelijk werkers, ....). Dit boek geeft een overzicht van wetsbepalingen in het kader van de procedure 9ter en de werking 9ter van de Dienst Vreemdelingenzaken.